Woonmarkt
De gemiddelde huurprijs in Vlaanderen zit voor het eerst boven 1.000 euro. Wat betekent dat voor wie investeert?
Voor het eerst betaalt een huurder in Vlaanderen gemiddeld meer dan 1.000 euro per maand. Dat blijkt uit de huurbarometer van CIB Vlaanderen en Korfine over de eerste jaarhelft van 2026, gebaseerd op nieuwe huurcontracten die via een vastgoedkantoor werden afgesloten. De kaap is symbolisch, maar de cijfers erachter vertellen meer dan de kop. We zetten ze op een rij en kijken wat ze betekenen voor wie een appartement of studio als belegging overweegt.
Wat de cijfers zeggen
De gemiddelde huurprijs over alle woningtypes heen steeg in de eerste helft van 2026 met 2,3 procent tegenover het najaar van 2025, tot 1.006 euro. Voor een appartement, goed voor twee derde van alle verhuringen, ligt de gemiddelde huur op 943 euro (+2,4 procent). Een rijwoning kost gemiddeld 1.086 euro, een halfopen bebouwing 1.206 euro en een vrijstaande woning 1.239 euro.
Die stijging is gematigd, en dat is opmerkelijk gezien de krapte op de markt. Kristophe Thijs van CIB omschrijft het als een huurmarkt die "heel sterk op slot" zit: zittende huurders blijven waar ze zijn omdat ze geen alternatief vinden, en aan de aanbodzijde kiezen investeerders door de hogere rente vaker voor andere beleggingen dan vastgoed. Vastgoedkantoren melden intussen tientallen tot honderd kandidaten per vrijgekomen huurwoning.
Kleine appartementen stijgen het snelst
Het cijfer dat ons het meest opvalt, zit onder de gemiddelden. Normaal stijgen grote appartementen sneller in prijs dan kleine; tussen 2020 en 2025 werd een appartement met drie slaapkamers 41,7 procent duurder, tegenover 25,7 procent voor een appartement met één slaapkamer. In het voorjaar van 2026 draaide dat om. Een appartement met één slaapkamer steeg met 3,2 procent tot gemiddeld 833 euro, een appartement met twee slaapkamers met 1,5 procent tot 981 euro, en bij drie slaapkamers was er zelfs een lichte daling van 0,4 procent tot 1.192 euro. Ook bij de rijwoningen zijn het de kleinste die het meest in prijs stijgen.
Dat is precies het segment waar de vraag van alleenwonenden, starters en studenten zich concentreert, en waarover we eerder schreven in Waarom investeren in appartementen op stadslocaties. Het bevestigt wat wij in de praktijk zien: compacte, goed gelegen woningen zijn het meest gevraagde product op de huurmarkt.
Leuven het duurst, Vlaams-Brabant stijgt het snelst
Per stad zijn de verschillen groot. Leuven blijft de duurste van de dertien Vlaamse centrumsteden, met een gemiddelde huur van 1.132 euro voor een appartement (+1,3 procent). Antwerpen volgt met 1.009 euro en Mechelen zit precies op 1.000 euro, na een daling van 2,8 procent die CIB een "aftopping" noemt na jaren van sterke stijgingen. Gent zit hen op de hielen, net onder de kaap van 1.000 euro. De Limburgse centrumsteden volgen boven de 900 euro. Roeselare is als enige centrumstad nog onder de 800 euro gebleven.
Op provinciaal niveau springt Vlaams-Brabant eruit: met een gemiddelde van 1.212 euro en een stijging van 5,9 procent is het de duurste én snelst stijgende provincie. West-Vlaanderen blijft de goedkoopste provincie, al rondt ook die nu de kaap van 900 euro.
Brugge: een daling, maar lees ze goed
Voor ons is Brugge de opvallendste stad in het lijstje. De gemiddelde huur voor een appartement daalde er in de eerste jaarhelft vrij stevig, van 910 naar 872 euro. Ook in Mechelen, Genk en Turnhout gingen de appartementsprijzen achteruit. Wie in Brugge investeert, of dat overweegt, stelt zich dan terecht de vraag wat er aan de hand is.
Een paar nuances zijn belangrijk. Ten eerste gaat het om een gemiddelde over de nieuwe huurcontracten van één halfjaar in één stad. Dat is een beperkte steekproef, en het gemiddelde schuift mee met wat er toevallig op de markt komt. CIB zegt het zelf over de daling bij grote appartementen: prijsdalingen op de huurmarkt zijn meestal tijdelijke scheeftrekkingen, omdat de verhuring van enkele verouderde panden het gemiddelde kan drukken. Ten tweede vertelt de prijs niets over de bezetting. Een appartement dat binnen de week verhuurd is aan 872 euro is als belegging niets minder dan een appartement dat drie maanden leegstaat aan 910.
Wat wel telt, is de ligging binnen de stad en de kwaliteit van het pand. Een gerenoveerd appartement binnen de vesten, op wandelafstand van het station en de hogescholen, speelt in een ander segment dan het Brugse gemiddelde. Daar mikken we met Hooistraat 27 ook op: compacte, energiezuinige woningen op een locatie die schaars blijft, wat de barometer ook zegt.
Brussel voor het eerst boven 1.400 euro
In Brussel, waar de huurmarkt apart wordt gemeten, klokte de gemiddelde huurprijs in de eerste jaarhelft af op 1.401 euro per maand; de mediaan bleef stabiel op 1.250 euro. Sint-Pieters-Woluwe is de eerste gemeente waar de gemiddelde huur boven 1.600 euro uitkomt, gevolgd door Ukkel (1.545 euro) en Elsene (1.469 euro). Aan de andere kant van het spectrum blijven studio's, met een gemiddelde van 860 euro in 2025, het meest toegankelijke segment van de hoofdstad, en tegelijk het segment waar studenten en jonge professionals naar zoeken. Dat is de markt waar onze studio's aan de Paleizenstraat 64 op inspelen.
Wat wij eruit onthouden
De boodschap achter de kaap van 1.000 euro is niet dat huren onbetaalbaar wordt, wel dat de huurmarkt structureel krap blijft. De vraag naar compacte woningen in de stad groeit, het aanbod volgt niet (waarom niet, lees je in 900.000 extra woningen tegen 2050) en de prijzen stijgen mee met de inflatie, in de kleinste segmenten zelfs sneller. En de gematigde stijging van het voorjaar lijkt volgens CIB stilte voor de storm: de inflatie liep sinds het tweede kwartaal op tot meer dan 4 procent, huurprijzen volgen met vertraging, en de contracten voor het najaar wijzen op een stijging van zo'n 5 procent tegen eind dit jaar of het voorjaar van 2027.
Voor een belegger betekent dat vooral: kijk voorbij het gemiddelde van een stad. Kies een pand dat de juiste huurder aantrekt op een plek waar die huurder wil wonen, en de rest volgt. Wil je daarover eens praten? Neem contact op; we denken graag mee.
Bronnen: CIB Vlaanderen en Korfine, Huurbarometer eerste jaarhelft 2026, zoals gerapporteerd door Het Nieuwsblad, De Tijd en VRT NWS (september 2026); CIB Vlaanderen, Huurbarometer 2025.